Basisschool Cobbeek

24-3-2015

Richting, stimulans en uitdaging

 

Noud Moeskops is directeur van Basisschool Cobbeek, een vrij kleine wijkschool in Veldhoven. Cobbeek behoort bij Veldvest, een stichting waar vijftien basisscholen, een school voor speciaal basisonderwijs en een school voor speciaal onderwijs bij zijn aangesloten. De scholen hebben een katholieke, protestants-christelijke of algemeen-bijzondere grondslag. Hoe is de wisselwerking tussen bestuurlijke aansturing en de praktische uitvoering per school?

Op bestuursniveau, maar in nauw overleg met de scholen, zijn drie speerpunten geformuleerd. Naast het verhogen en borgen van de leeropbrengsten voor de vakgebieden taal, lezen en rekenen zijn dat de sociaal-maatschappelijke participatie en de persoonsvorming van leerlingen. Moeskops: "Burgerschap past naadloos in die drie speerpunten. Een belangrijk thema dus. Vanuit Veldvest is een beleidsgroep burgerschapsvorming opgezet. De werkgroep bestaat uit vier collega's van verschillende Veldvestscholen, waaronder Cobbeek. De beleidsgroep heeft een basisvisie voor Stichting Veldvest opgezet. Die schetst een kader voor specifiek schoolbeleid. Van belang is dat de verschillen tussen scholen herkenbaar zijn en dat de scholen uitgaan uit van de bestaande praktijk."

Het visiestuk is volgens Moeskops bedoeld om richting, stimulans en uitdaging te geven bij de ontwikkeling en invoering van actief burgerschap in de dagelijkse praktijk. "We hebben het dan over leren omgaan met elkaar, notie hebben van democratie en respect voor elkaar en onderlinge verschillen. Voldoen aan het inspectiekader is voor ons een ondergrens. Het gaat om een doelgerichte, systematische en planmatige aanpak met zicht op resultaten bij leerlingen. We hadden volstrekt niet de intentie een allesomvattend, compleet uitgewerkt  schooloverstijgend leerplan te schrijven." Samen met vier pilotscholen uit de Stichting Veldvest worden concrete, kleinschalige, schoolspecifieke  leeractiviteiten planmatig uitgewerkt.

Er gebeurt al veel op bijna alle basisscholen. Maar wat volgens Moeskops vaak nog ontbreekt, is het besef dat dit burgerschapsonderwijs is en dat het gebaseerd moet zijn op een visie en een doorgaande leerlijn: "In dit opzicht zijn er echt verschillen tussen de scholen, en zelfs per school tussen de leerkrachten. We hebben wel geconstateerd dat op scholen die een werkgroep van teamleden instelden om burgerschapsvorming op te pakken, het besef en inzicht  sterker zijn. En vooral: het wordt niks zonder een inspirerende en actieve schoolleider die ook faciliteert! Als ik voor mijn eigen school spreek, dan denk ik dat we – mede door het Vreedzame School-concept – burgerschap redelijk op orde hebben. We plannen steeds enkele speciale leeractiviteiten en koppelen die aan de domeinen van burgerschap. Bijvoorbeeld een verkiezingsproject met partijen en een programma en echte verkiezingen op school. Of het organiseren van een goede doelactie of een schoolvoetbaltoernooi om het spel in de pauzes te stimuleren."

Om de scholen te helpen bij het in kaart brengen van bestaand burgerschapsonderwijs ontwikkelde de beleidsgroep een format voor het beschrijven daarvan. Moeskops: "Op deze manier ontstaat ook niet zo snel het gevoel dat er weer wat nieuws bijkomt. We gaan immers uit van wat scholen al doen. Het format beschrijft kort de visie van een school, de doelen die gekozen zijn en de praktische invulling (leeractiviteiten). Een interessant onderdeel van het format is ook de poging om zicht te krijgen op leerling- en leerkrachtcompetenties. Wat leert de leerling op niveau van kennis, vaardigheden en houding en wat dient de leerkracht dan te kunnen inzetten?"